herinneringen
overzicht
Bert de Lange

Bert en Marita
In 1956 ontmoet ik Bert in de Posthoorn en direct overrompelt mij zijn persoonlijkheid. Hij is rustig, met een soort ingehouden humor, een onsteedse bescheidenheid en een vriendelijke stugheid. Alle zijn het eigenschappen die mij aantrekken. En in de ruim twee jaren die volgen treffen wij elkaar gelukkig veel, meestal in Kunstkring of Posthoorn, maar dikwijls ook ben ik bij hem thuis. In de Willemstraat bewoont hij een kamer op een ťtage. Hij heeft die op een inventieve manier zo volmaakt, zij het uit noodzaak compact, ingericht, dat men er zich in thuis voelt als in een gezellig, klein heel huis. Omdat hij daar bijna altijd te vinden is - hij studeert serieus (Nederlands en Frans) en bekwaamt zich ook in schilderen - zoek ik hem veel thuis op, meestal onaangekondigd. Mijn frequente bezoek, bedenk ik nu met spijt, zal hem niet altijd welkom zijn geweest. Toch heeft hij mij altijd het gevoel gegeven, dat ik door een vriend word ontvangen als een vriend.

Bert heeft in die periode al een vaste relatie, Marita. Zij is een mooie, lieve en doortastende Indische jonge vrouw, die les geeft op een huishoudschool, maar niet woont en werkt in Den Haag. In de weekends logeert ze bij hem. Wat een tegenstelling met mijn eigen situatie! Nog wonend in mijn ouderlijk huis. En blijvend koortsachtig en hopeloos romantisch op zoek naar een ideale verhouding. Keer op keer kortstondige, verrukkelijke, maar steeds weer verdampende verliefdheden. Maar daartussen vele, vele dagen van alleen maar verlangen. Bert en Marita, ik kijk jaloers naar het paar.

Vanzelfsprekend laat ik Bert geregeld mijn gedichten lezen. Dat gebeurt in het stadium waarin als het ware de inkt waarmee ze zijn geschreven nog nat is. Zijn mening erover vraag ik graag, omdat ik nooit het gevoel krijg, dat zijn oordeel op enigerlei wijze wordt beÔnvloed door onze vriendschap. Zijn toets wordt waardevol voor mij.

Zoals vele anderen die Jozef Eijckmans en zijn gedichten goed kennen, behoren Bert en ik ook tot diens bewonderaars. Wanneer Bert op een dag ontdekt, dat De Slegte Eijckmans' eerste bundel "Bij mijn leven nog" in de ramsj te koop aanbiedt, koopt hij alle nog aanwezige exemplaren ervan op, om te voorkomen, dat ze in handen vallen van kopers die Jozefs werk niet op de juiste waarde zouden kunnen schatten.

Gouache Bert de Lange
Doordat ik, overdag op het Binnenhof werkend, in middagpauzes tentoonstellingen van beeldende kunst in galerieŽn en musea kan bezoeken en Bert die interesse nog voedt met zijn liefde voor en kennis van de hedendaagse Haagse schilderkunst, ervaar ik de omgang met hem ook als een verrijking. Bert kent en respecteert Peter Struycken die aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten studeert en hem een prachtig abstract doek schenkt, dat van dat moment af een belangrijke plaats in zijn kamer krijgt. Het is in verschillende tinten grijs uitgevoerd en de gebruikte olieverf is vermengd met zand. Die toevoeging geeft een prachtig effect. Want glanzen - ik houd niet echt van glans - doet het doek niet. Terwijl ik dit vijftig jaar later opteken, kijk ik naar een gouache die Bert op een dag voor mij maakte en die ik met trots liet inlijsten.

Een enkele keer kreeg ik van Bert een gedicht. Eťn ervan, op zijn schrijfmachine getikt, is aan het eind van deze herinnering te vinden. Talloze malen herlas ik het. Hoe verder weg in het verleden onze vriendschap raakt, hoe meer associaties en betekenissen ik er in lees.

In november 1960 trouwen Cobi en ik in het stadhuis aan de Javastraat. Bert en Marita waren daarvoor al getrouwd, in Voorschoten. De trouwkaart schreef zijn voornamen als "Gijsbert A."

Wanneer ze later in Maurik gaan wonen en Cobi en ik nog geen auto hebben, logeren we een nacht bij hen in hun gastvrije huis. En wanneer wij ons in 1970 met de kinderen in Zoetermeer vestigen, in wat we onze definitieve woning noemen, en een housewarming-party geven, verwelkomen we onder vele vrienden ook Bert en Marita. En ver in die nacht nemen we afscheid van elkaar.

Het primaire geluk in mijn leven is gevormd doordat de leden van het gezin waarin ik opgroeide zo lang om mij heen konden zijn. En tevens door de langdurige, trouwe band die Cobi en ik hebben en die nu verder gaat in en met onze kinderen en kleinkinderen. Onnoemelijk veel anderen kom je in je leven tegen. Het worden goede bekenden en vrienden. Sommigen ontmoet je in het voorbijgaan. Met anderen, zoals met Bert, kan er het geluk ontstaan van een verbondenheid die enige jaren duurt.

Piet Boekestijn januari 2009

gedicht van Bert de Lange